21
JUN
2018

Column | Van werkdruk naar werkplezier

Mensen kunnen bloeien, leerkrachten dus ook!

Door Antoinette Heijink, Directeur gbs de Wierde (Winsum)

19-06-2018 | Drie jaar geleden stapte ik als zogeheten zij-instromer binnen in de wondere wereld van het onderwijs, na jaren werkzaam te zijn geweest als zelfstandig communicatieadviseur voor overheden en maatschappelijke organisaties. Door een samenloop van omstandigheden kreeg ik de kans om samen met mijn duo-collega Grietje Verbree – een echte rot in het onderwijsvak – leiding te geven aan gbs De Wierde in Winsum, een school met circa 200 leerlingen ten noorden van Groningen. In één van de eerste bijeenkomsten die ik bezocht in mijn nieuwe rol ontmoette ik een psycholoog die haar dagen vulde met hulp aan leerkrachten met burn-out: één op de vijf zat er tegenaan, verzekerde ze me. Ik realiseerde me dat dat één van onze speerpunten zou worden als directie: bijdragen aan een gezonde balans in het werk van teamleden.

Inmiddels zijn we drie jaar verder. Mijn duo neemt binnenkort afscheid. Een mooi moment om enkele gezamenlijk opgedane inzichten te delen. Wat kun jij als schoolleider doen om de werkdruk te verminderen? Hoe draag jij eraan bij dat mensen in je organisatie tot bloei komen? Wat ik de afgelopen drie jaar in het onderwijs vooral heb geleerd is dat alles wat je kinderen wilt leren, je eerst zelf moet doen. In de praktijk zit er nogal eens een hiaat tussen wat we kinderen willen bijbrengen en wat we zelf doen. Het dichten van dit gat vraagt om een cultuurverandering.

Talentontwikkeling
In het onderwijs wordt veel gesproken over talentontwikkeling bij kinderen. Ook in de overigens prachtige publicatie ‘Mensen kunnen bloeien’ ligt het accent op het kunnen bloeien van kinderen. Ik ben er echter van overtuigd dat wij pas in die missie slagen als leerkrachten kunnen bloeien. Talentontwikkeling begint dus bij het leren zien, waarderen en inzetten van talenten in het team.

Kwetsbaar
Wat mij als nieuwkomer in het onderwijs opviel, was dat leerkrachten ontzettend veel van zichzelf eisen en verwachten. Alsof ze álles zouden moeten kunnen. Onzin natuurlijk, want als leerkracht moet je wel generalist zijn, maar dat betekent nog niet dat je overal even goed in kunt zijn.
Aan de slag gaan met talenten in het team vraagt van leerkrachten dat zij zich kwetsbaar durven op te stellen. Benoemen waar je wel goed in bent, is best eng, net als erkennen dat je niet overal goed in bent. Maar dat laatste geeft ook een hoop ontspanning.

Passie voor de klas
Als talenten in het team goed worden benut, zorgt dit voor boeiender onderwijs. Als een leerkracht gek is op muziek, dan is het toch mooi als de groep daar dat jaar extra van profiteert? Dat moet je als schoolleider stimuleren! En is een leerkracht niet zo’n natuurmens, opper hem/haar dan om een collega in te schakelen die dat wel is. Of laat hem/haar eens een gepassioneerde gastdocent uitnodigen. Want wat met passie wordt gebracht, heeft veel meer impact.

Groene doe-cultuur
Onderwijsmensen staan bekend als ‘groen’ (=mensgericht, op harmonie gericht) en als ‘doeners’, maar dat geldt natuurlijk niet voor alle mensen in het onderwijs. Wel denk ik dat er vaak sprake is van een groene doe-cultuur, waarin ‘groen’ en ‘doen’ positief worden gewaardeerd; betrokken en actief, maar ook: grenzeloos dienstbaar en loyaal aan de organisatie en het systeem. Wil je de werkdruk aanpakken, dan moet je ook aan de slag met de groene doe-cultuur. Daarvoor heb je juist de mensen nodig die van zichzelf wat minder ‘groen’ zijn, maar dat niet laten zien. Spoor deze mensen op. Zij beschikken over eigenschappen die helpen om een meer gebalanceerde, professionele cultuur te realiseren: de rode types (afspraak = afspraak), de blauwe types (zorgen voor structuur, borgen van afspraken), de gele types (buiten huidige kaders/systemen denken). Als je de cultuur wilt veranderen, begin dan met met het positief waarderen en gericht inzetten van die eigenschappen.
Growth mindset
‘Practice what you preach’ geldt ook voor het lerend vermogen van leerkrachten. We hebben het over fixed mindset bij kinderen, maar hoe lerend zijn we zelf als team? Het is interessant om in het team te onderzoeken welke overtuigingen er heersen ten aanzien van leren. Want die overtuigingen zijn nogal bepalend voor hoe kinderen worden benaderd en hoe teamleden zelf omgaan met kritiek of open staan voor het volgen van opleidingen. Verplicht op cursus werkt niet. Wil je een lerende organisatie worden, dan moet je beginnen bij die overtuigingen. En daar het gesprek over aangaan. Het boek van Carol Dweck over growth mindset (even niet letten op de titel) heeft ons directie hierbij erg geholpen.

Samenhang zichtbaar maken
Het beroep van leerkracht is het afgelopen decennium een stuk complexer geworden. Ontwikkelingen in de samenleving volgen elkaar in zo’n rap tempo op, dat stilstaan geen optie meer is. Door schuivende panelen op allerlei terreinen moeten leerkrachten meer dan vroeger in staat zijn om hun eigen positie te bepalen en zelfstandig keuzes te maken. Als schoolleider zie ik het als mijn taak om ervoor te zorgen dat leerkrachten af en toe de dagelijkse hectiek ontstijgen en samen naar de grote lijn kijken en de samenhang der dingen zien. Samen oefenen in hogere orde denken. Als je de samenhang ziet tussen activiteiten, voelt het niet als heel veel dingen, maar als één ding met één doel.

Van systeem naar bedoeling
We willen op school betekenisvol onderwijs geven. Maar is alles wat wij zelf doen nou zo betekenisvol? Ik denk dat veel werkdruk zijn oorsprong vindt in het doen van niet-betekenisvolle dingen. Leerkrachten zijn te vaak uitvoerders van een systeem waarin ze zelf eigenlijk niet geloven of waarvan ze de bedoeling niet zien. Dat wringt uiteraard, levert stress op. Onlangs hebben we als team een studiedag gehouden naar aanleiding van het boek van Wouter Hart: ‘Verdraaide Organisaties, terug naar de bedoeling’ (een aanrader!). Het doel van deze studiedag was om zicht te krijgen op het verschil tussen systeem en bedoeling. Die bewustwording is nodig om meer te kunnen focussen op bedoeling en het systeem daar weer dienstbaar aan te laten zijn; de leerkracht moet meer eigenaar worden van de bedoeling in plaats van uitvoerder van het systeem. We hebben als team afgesproken dat elk systeem dat niet bijdraagt aan onze bedoeling (missie, visie, kernwaarden) ter discussie mag worden gesteld. En dat gebeurt inmiddels regelmatig.

Veilige basis
Tenslotte: veiligheid is voor kinderen een belangrijke voorwaarde om zich goed te ontwikkelen, maar voor leerkrachten net zo goed. Stel jezelf als schoolleider de vraag: hoeveel veiligheid en vertrouwen bied ik mijn collega’s? Is het mijn intentie om een duurzame werkrelatie aan te gaan? En laat ik dit ook merken? Een medewerker moet ervan op aan kunnen dat ik me als leidinggevende verantwoordelijk voel voor hem/haar, ook als hij/zij niet op de juiste plek blijkt te zitten. Ik realiseer me dat dat ook niet altijd voldoende is. Er rest mij dan niets dan collega’s te wijzen op de rust die alleen bij God te vinden is en voor hen te bidden; dat zij rust mogen vinden bij God en dat hij hen mag bevestigen dat ze zijn geliefde kinderen zijn. Dat vind ik toch wel het meest bijzondere aan werken op een christelijke school, dat je elkaar aan die veilige basis mag herinneren.

Antoinette Heijink, Directeur gbs de Wierde (Winsum)