05
NOV
2018

Burgerschapsvorming – wordt vervolgd

NIEUWSBRIEF NOV | Sinds 2006 kent Nederland de wet ‘actief burgerschap en sociale integratie’. De wet- en regelgeving geeft scholen veel ruimte voor een eigen invulling van het burgerschapsonderwijs. De wet erkent de eigen identiteit van scholen en de vrijheid die vorm te geven en ziet burgerschapsvorming als een onderdeel van het ‘waartoe’ van het onderwijs. De wet gaat er vanuit dat leerlingen opgroeien in een pluriforme samenleving en is er op gericht dat leerlingen kennis hebben van en kennismaken met verschillende achtergronden en culturen van leeftijdgenoten. Zo wordt gewerkt aan actief burgerschap en sociale integratie.

Het inspectierapport over burgerschapsvorming dat eind 2016 verschijnt, concludeert dat er in het onderwijs aandacht besteed wordt aan burgerschapsvorming, maar dat een overkoepelende visie en planmatige aanpak ontbreken. Het rapport doet de aanbeveling dat bestuurders en schoolleiders urgentie geven aan burgerschapsvorming, doelen stellen en leerkrachten de benodigde tijd en middelen geven. Verder geeft het aan dat leerkrachten het gesprek moeten gaan voeren over burgerschap. Bepaal leerdoelen en activiteiten passend bij de leerlingen en de schoolpopulatie. Tenslotte schrijft het rapport dat de overheid meer duidelijkheid moet bieden over verplichting en vrije ruimte, over doelen in wetgeving en vooral dat de overheid vertrouwen moet geven.

In 2017 worden de resultaten van een internationaal onderzoek naar burgerschapsvorming in het onderwijs (ICCS) gepresenteerd. Heel kort gezegd komt in het onderzoeksrapport naar voren dat de onderzochte leerlingengroepen uit Nederland – in vergelijking met scholieren in vergelijkbare landen (Scandinavische landen en Vlaanderen) – minder scoren op de onderzochte domeinen democratie, maatschappelijke participatie en identiteit. Nu valt er meer over te zeggen, maar in het kader van deze bijdrage laat ik het hierbij.

De resultaten van beide rapporten, de zorgen in de samenleving over een nieuwe verzuiling die nu ‘je eigen bubbel’ heet en het meer aandacht willen geven aan socialisatie en persoonsvorming naast kwalificatie binnen het onderwijs, leidden tot een aanscherping van de wetgeving over burgerschap.

Stand van zaken LVGS
Op de afgelopen drie bijeenkomsten van LVGS-bestuurders is aandacht besteed aan burgerschapsvorming. Duidelijk werd dat veel scholen er links- of rechtsom mee bezig zijn, maar dikwijls nog niet vanuit een onderwijsvisie en op een planmatige wijze.

Duidelijk werd ook dat vanuit de VO-scholen GSR en Greijdanus actief bezig zijn burgerschapsbeleid te ontwikkelen, als uitvloeisel van hun eigen onderwijsvisie. Beide scholen zijn van plan in het verdere ontwikkelproces met elkaar op te lopen. Niet dat de output één uniform beleid moet zijn, wel dat je met elkaar leert en elkaar bevraagt; ook dat je kijkt of je samen kunt optrekken naar ondersteunende partijen toe. Drie partijen lijken daarbij van betekenis te kunnen zijn:

  • De Academische Werkplaats Sociale Kwaliteit van Onderwijs
    Deze werkplaats is een samenwerkingsverband tussen scholen, de Universiteit van Amsterdam en de Inspectie van het Onderwijs. Een naam die hierbij hoort is die van prof. dr. Anne Bert Dijkstra, onder meer projectleider van het ICCS-onderzoeksteam in Nederland. Anne Bert heeft al een lange relatie met De academische werkplaats kan ondersteuning bieden bij het uitvoeren van empirische onderzoeken op scholen met als oogmerk een verbetering van het kwaliteitsbeleid op het terrein van socialisatie en vorming. De GSR heeft hierin al ervaring opgedaan.
  • Verus
    Voor Verus is persoonsvorming/burgerschapsvorming een kernprogramma voor de komende jaren. In dat programma verbinden identiteit en pedagogiek zich met elkaar en worden wereldbeeld en mensbeeld beide zichtbaar. Door middel van het programma wil Verus scholen ondersteunen in visievorming en het formuleren van een plan van aanpak. Bekijk hier een presentatie van prof. Jacomijn van der Kooij, adviseur identiteit bij Verus, over burgerschapsvorming.
  • TuK
    In de afgelopen jaren heeft op veel scholen via het project Identiteit Als Sterk Merk (IASM) een doorontwikkeling plaatsgevonden van identiteitsbeleid. Het ligt voor de hand bij de doorontwikkeling van burgerschapsvorming ook te kijken wat IASM kan betekenen.

Het is de bedoeling dat opgedane kennis gedeeld wordt met andere, geïnteresseerde (LVGS-)scholen. Over hoe dat gebeurt, de procesmatige kant, wordt nog nagedacht.

Vanuit de PO-scholen zijn LEV-WN (het vroegere GPOWN) en CorDeo in gesprek met de academische werkplaats. Beide zitten in een strategisch beleidsproces en willen burgerschapsvorming verder ontwikkelen.

Kortom, burgerschapsvorming – wordt vervolgd.

Marnix Niemeijer, voorzitter LVGS